Wanneer een instantie het slachtoffer niet serieus neemt
De meeste mensen kennen gaslighting als een vorm van manipulatie binnen relaties of gezinnen. Minder bekend is dat vergelijkbare processen ook kunnen plaatsvinden binnen organisaties, instanties en systemen. Dit wordt vaak aangeduid als institutionele gaslighting. Institutionele gaslighting ontstaat wanneer een organisatie, instantie of systeem de ervaringen van slachtoffers structureel ontkent, bagatelliseert, verdraait of niet serieus neemt. Hierdoor kunnen slachtoffers niet alleen gaan twijfelen aan de gebeurtenis zelf, maar ook aan hun eigen waarneming, gevoelens en herinneringen.
Waar institutionele gaslighting kan voorkomen
In tegenstelling tot persoonlijke gaslighting gaat het hierbij niet om één individu, maar om reacties binnen bijvoorbeeld:
- Politie.
- Hulpverlening.
- Zorginstellingen.
- Werkgevers.
- Scholen.
- Gemeenten.
- Justitie.
- Verzekeraars.
- Grote organisaties.
Hoe het kan ontstaan
Vaak gebeurt institutionele gaslighting niet bewust of uit kwade wil. Medewerkers kunnen handelen vanuit:
- Procedures.
- Werkdruk.
- Tunnelvisie.
- Gebrek aan kennis.
- Onvoldoende informatie.
- De wens om problemen te minimaliseren.
Hoe institutionele gaslighting zich kan uiten
Institutionele gaslighting kan zich bijvoorbeeld uiten in:
- Meldingen niet serieus nemen.
- Problemen bagatelliseren.
- Slachtoffers verantwoordelijk maken voor de situatie.
- Bewijs of ervaringen negeren.
- Klachten afdoen als misverstanden.
- Tegenstrijdige informatie geven.
- Het probleem verschuiven naar het gedrag van het slachtoffer.
- De nadruk leggen op verzoening terwijl er sprake is van misbruik.
Uitspraken die extra pijnlijk kunnen zijn
Voorbeelden van uitspraken die slachtoffers kunnen horen zijn:
- "Zo erg zal het wel niet zijn."
- "Daar zijn geen aanwijzingen voor."
- "Misschien begrijpt u het verkeerd."
- "U moet ook naar uw eigen aandeel kijken."
- "We horen twee verschillende verhalen."
- "Dat kunnen wij niet vaststellen."
Bij welke situaties komt het voor?
Institutionele gaslighting kan voorkomen bij slachtoffers van onder andere:
- Narcistisch misbruik.
- Dwingende controle.
- Huiselijk geweld.
- Seksueel geweld.
- Stalking.
- Discriminatie.
- Pesten op de werkvloer.
- Machtsmisbruik binnen organisaties.
Een belangrijk probleem is dat veel vormen van psychisch geweld moeilijk zichtbaar zijn. Narcistisch misbruik, gaslighting en dwingende controle laten vaak geen directe fysieke sporen achter. Daardoor richten instanties zich soms vooral op tastbaar bewijs, terwijl het patroon van misbruik onvoldoende wordt herkend. Bij psychisch geweld is juist de samenhang tussen gebeurtenissen, gedragspatronen, machtsverhoudingen en de gevolgen voor het slachtoffer belangrijk.
De gevolgen voor slachtoffers
Institutionele gaslighting kan bestaande problemen versterken. Slachtoffers kunnen bijvoorbeeld ervaren:
- Versterkte zelftwijfel.
- Verlies van vertrouwen in instanties.
- Verergering van PTSS of CPTSS.
- Gevoelens van machteloosheid.
- Sociale isolatie.
- Terughoudendheid om opnieuw hulp te zoeken.
Institutionele gaslighting en secundaire victimisatie
Institutionele gaslighting hangt nauw samen met secundaire victimisatie: de extra schade die kan ontstaan doordat slachtoffers niet worden geloofd, onvoldoende worden ondersteund of opnieuw worden gekwetst door de manier waarop instanties reageren. Niet iedere fout, afwijzing of kritische vraag van een instantie is daarom automatisch institutionele gaslighting. Het gaat vooral om een terugkerend patroon waarin ervaringen structureel worden ontkend, gebagatelliseerd of bij het slachtoffer worden neergelegd.
Meer aandacht voor psychisch geweld
Gelukkig groeit de aandacht voor dit probleem. Steeds meer professionals erkennen dat psychisch geweld, dwingende controle en narcistisch misbruik andere vormen van beoordeling kunnen vragen dan traditionele geweldsvormen. Hierdoor ontstaat meer aandacht voor:
- Patronen van gedrag.
- Langdurige machtsongelijkheid.
- De context waarin gebeurtenissen plaatsvinden.
- De ervaringen van slachtoffers.
- Informatie uit verschillende bronnen.
Erkenning kan een belangrijke eerste stap zijn
Herstel begint vaak met erkenning. Dat kan komen van een hulpverlener, een lotgenoot, een deskundige of een veilige omgeving waarin het verhaal wel wordt gehoord. Veel slachtoffers ervaren opluchting wanneer zij ontdekken dat hun gevoelens begrijpelijk zijn en dat anderen vergelijkbare ervaringen hebben gehad. Institutionele gaslighting laat zien dat niet alleen individuen, maar ook systemen kunnen bijdragen aan twijfel en ontkenning. Door deze processen te herkennen ontstaat meer begrip voor de uitdagingen waarmee slachtoffers worden geconfronteerd en kan worden gewerkt aan een samenleving waarin ervaringen serieus worden genomen en mensen de steun krijgen die zij nodig hebben.